Leeftijdsdiscriminatie 02/08/2010
![]() Vorig jaar stuurde ik een manuscript naar Uitgeverij De Arbeiderspers. Gezien mijn beroepsverleden een logische keus. Na een paar weken kreeg ik een afwijzing. Een tegenvaller, vooral omdat die brief er zo snel was. ‘Onze redactie selecteert uit het grote aantal manuscripten slechts een zeer gering aantal voor uitgave,’ schreef de uitgeverij. In Schrijven Magazine (een rijke bron van inspiratie voor mijn weblog), lees ik een artikel over Hans Koekoek, eigenaar van uitgeverij De Gelukkige Vlinder. Hij schrijft ook boeken en bood ze ook aan bij De Arbeiderspers. ‘Ze vonden het kwalitatief goede boeken,’ zegt hij, ‘maar ik kreeg tot mijn verbazing te horen dat ze mij te oud vonden om nog in te investeren.’ Aha, denk ik, dat verklaart veel. De Arbeiderspers doet aan leeftijdsdiscriminatie. Nooit koop ik meer een boek van die uitgeverij. Op internet zoek ik de leeftijd van Hans Koekoek, want dat wil ik natuurlijk graag weten. Geboren in 1935, zie ik. Meer dan 10 jaar ouder dan ik. Ja, dat is ook wel erg oud. Zelf schrijver worden (2) 02/06/2010
![]() In Schrijven Magazine bespreekt de heer J. Eriksz (hij gebruikt zijn voornaam niet, als enige in het blad), Het verraad van de tekst. Het boek bevat de door Arnon Grunberg in 2008 gehouden Albert Verweylezing. De heer Eriksz begint zijn bespreking aldus: ‘Gastschrijvers zijn een betrekkelijk nieuw verschijnsel aan de Nederlandse universiteiten.’ Dan noemt hij het lijstje zoals dat op de website van Schrijven Magazine staat en concludeert dat de Rijksuniversiteit Groningen de langste traditie heeft. ‘Al sinds 1986 worden er in het hoge noorden schrijvers uitgenodigd om studenten aan het schrijven en lezen te krijgen.’ Een treurig makend gebrek aan historisch besef. En dat in zo’n blad. Iedereen die zich wat langer voor schrijven en schrijvers interesseert, weet dat het gastschrijverschap begon bij de Universiteit van Leiden in 1985 met de Albert Verweylezingen van Gerard Reve. Het leverde een veel gelezen en geprezen boekwerkje op met de titel: Zelf schrijver worden. Even vraag ik me af of J. Eriksz een pseudoniem is van Louis Stiller, de hoofdredacteur van het tijdschrift, maar die gedachte verwerp ik maar weer. Zelf schrijver worden 02/05/2010
![]() Zelf schrijver worden is tijdens de boekenweek voor vijf euro te koop bij de Selexyz-winkels, lees ik in het nieuwe nummer van Schrijven Magazine. Dat is geen geld, denk ik. Ik heb het boekje. Het bevat de tekst van vier lezingen van Gerard Reve die hij hield in november 1985 als gastschrijver van de Leidse Universiteit. Het was tot op heden uitverkocht. Met de herdruk wordt veel mensen een groot plezier gedaan. Ook als je niet zelf schrijver wilt worden. Dat zie ik ineens mijn vergissing. Het gaat over iets anders. Een nieuw boek met dezelfde titel. Een boek met 170 tips uit allerlei schrijfboeken, verzameld en samengesteld door Louis Stiller. In Over redactie van Lisa Kuitert staat dat de titel van een boek juridisch niet beschermd is. ‘Iedereen mag zijn boek De Avonden noemen,´ schrijft ze. Toch doen uitgeverijen dat liever niet. ‘Het gaat om een gentlemen’s agreement.’ Tips overnemen uit andere boeken (keuze in overvloed), er de naam van een gerenommeerde uitgave van een groot schrijver opplakken, het mag ongetwijfeld allemaal, maar ik krijg er een rare smaak van in mijn mond. De 170 tips verschijnen eind februari. Louis Stiller, bedenk op z’n minst een andere titel. Het kan nog. Joost is hot en dat is goed 02/04/2010
![]() Dit jaar schrijft Joost Zwagerman het Boekenweekgeschenk. Zwagerman is pleitbezorger van het korte verhaal. In de bundel De Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 250 verhalen (1600 pagina’s!) die hij samenstelde, schreef hij een schitterend voorwoord over het eigen karakter van het korte verhaal en de bijzondere vaardigheden die dit genre vereist. Het is al weer vijf jaar geleden. Zwagerman is betrokken bij de uitreiking van de Literatuurprijs Helmond op 17 maart waarvoor ik ben genomineerd. Op zaterdagavond 27 februari presenteert Passionate Magazine een literaire avond waarbij een special over het werk van de schrijver centraal staat. Joost is hot en dat is goed. Ik ben benieuwd naar het Boekenweekgeschenk. Misschien is het een mooi kort verhaal. Of een aantal korte verhalen die de Nederlandse lezer doen vragen om meer. Joost Zwagerman, grijp die kans! Hedendaags Nederlands (3) 02/02/2010
![]() Max Havelaar van Multatuli is hertaald. Verslaggever Arjan Peters besteedt daar aandacht aan, vandaag in de Volkskrant. ‘Is Multatuli’s meesterwerk ingekort en hertaald nog steeds hetzelfde?’ vraagt hij zich af. En: ‘Wat was er ontoegankelijk aan de oorspronkelijke tekst?’ Hij schrijft: ‘Multatuli zelf, wiens konterfeitsel met de droeve wallen het omslag siert, lijkt vanonder zijn snor een nieuwe aanklacht voor te bereiden. Als mijn boek klassiek is, hoor je hem zeggen, dan hoeft het toch niet nieuw en korter…?!’ Ik heb kortgeleden Max Havelaar opnieuw gelezen. Multatuli keert zich fel tegen misbruik en komt op voor de gewone man. Hij doet dat in Nederlands van 150 jaar geleden. Ik weet zeker hoe hij reageert op suggestieve vragen van de literaire elite. In hedendaags Nederlands: ‘Schaam je, Peters. Schande, Arjan Droogstoppel met je aanmatigende teksten die je meent in mijn mond te mogen leggen,’ en tegen zijn lieve Tine zegt hij dat er weer veel scholieren en liefhebbers van mooie boeken zijn aanklacht kunnen en zullen lezen. ‘Een prachtig verjaardagsgeschenk,’ zal hij zeggen. Jolig 02/01/2010
![]() Stephen King De Amerikaanse thriller-auteur Stephen King heeft een prachtig schrijfboek gemaakt. Het eerste deel bevat zijn levensloop, het tweede deel heet ‘Gereedschapskist’ en het derde deel gaat over schrijven. Over leven en schrijven heet het boek. Het is een beetje jolig geschreven. Voor vertalers schijnt dat lastig te zijn. Dat blijkt uit bij voorbeeld de volgende tekst: De plot is het laatste redmiddel van de schrijver, denk ik, en de eerste keus van fantasieloze mensen. Het verhaal dat eruit voorkomt, zal gekunsteld aandoen. (…) Ik wil een groep personages (misschien twee, misschien maar één) in een bepaalde moeilijke situatie brengen en dan zien hoe ze zich daaruit bevrijden. Het is niet mijn taak ze te helpen zich te bevrijden, of ze zodanig te manipuleren dat ze in veiligheid komen – daarvoor zou je de luidruchtige pneumatische hamer van de plot nodig hebben – maar om te kijken wat er gebeurt en dat dan op te schrijven. Ik heb het wel onderstreept. Tell, don't show 01/31/2010
![]() De eilander. Roman van de lokkende zee van Klaas Toxopeus staat al jaren ongelezen in mijn kast. Afgelopen week ben ik er in begonnen. Klaas Toxopeus was een achterneef van mijn vader en bekend van het reddingswerk dat hij tot 1964 deed. Hij maakte 270 tochten met een reddingsboot waarbij 315 mensen veilig aan wal werden gezet. Het boek gaat daarover en verscheen in 1958. Klaas Toxopeus bewijst dat een zeeman kan vertellen. Geen show, don’t tell want dat bestond nog niet. Daar zat ook niemand op te wachten. Schaamte 01/30/2010
![]() Als ik de naam van Joost Zwagerman hoor of lees, schaam ik me altijd een beetje. Een aantal jaren geleden las ik zijn boek Vals licht. Ergens staat dat Lizzie Rosenfeld, een prostituee en de geliefde van hoofdpersoon Simon Prins, Nederlands studeert aan de Open Universiteit. Ik wist dat dat niet kan omdat de OU zo’n studierichting niet heeft. Ik had net geleerd dat je je ook bij fictie aan de feiten moet houden, dus stuur ik De Arbeiderspers een mailtje. Wij zullen het aan de schrijver doorgeven, meneer, krijg ik als antwoord. Ik zou zo graag willen weten of hij het veranderd heeft in een nieuwe editie. Ik kan het hem vragen op 17 maart. Maar die schaamte, daar zit ik wel mee. Ik zou zoiets nu nooit meer doen. Literatuurprijs Helmond 2010 01/29/2010
![]() Joost Zwagerman Het is net de markt, het forum van Schrijven Online. Kwebbelende vrouwen (mannen komen er nauwelijks) over de laatste nieuwtjes. En wee je gebeente als je iets vreemds doet. Op internet stond dat iemand genomineerd was voor de Literatuurprijs Helmond 2010, terwijl dat nog niet bekend kon zijn. Het forum protesteerde bij de jury, er werden etiketten geplakt. Ik lees alles, met veel plezier, iedere dag. Gisteren dan toch de lijst met de twaalf kanshebbers. Slechts een van de dames stond erbij. Dat viel tegen. Ik was blij, want mijn pseudoniem stond er wel, met het verhaal dat ik heb ingestuurd. De schrijfwedstrijd scoorde hoog dit jaar, 130 inzendingen (58 vorige keer). De jury selecteert vier verhalen die worden voorgelegd aan Joost Zwagerman, warm pleitbezorger van het korte verhaal. Hij kiest met de jury de winnaar die op 17 maart bekend wordt gemaakt. De twaalf genomineerde verhalen komen in een boekje. Degene die het al wist, staat ook op de lijst en op het forum weten ze al wie de winnares wordt. Retourtje Amsterdam (2) 01/28/2010
![]() Gisteren, bij de Slegte, las ik eerst de achterflap van De beste Amerikaanse verhalen, samengesteld en ingeleid door Jan Donkers. ‘Er is geen land waar het korte verhaal als literair genre zo intensief beoefend wordt als de Verenigde Staten,’ staat er. ‘Donkers koos 25 verhalen van 24 topauteurs, zoals Saul Bellow, Truman Capote, Philip Roth en John Updike. Daarnaast,’ zo gaat de tekst verder, ‘zijn verhalen opgenomen van buiten Amerika nog niet zo bekende auteurs als Raymond Carver.’ Nou, dat is wel veranderd inmiddels. Ik zoek in het boek het verhaal van Carver. Het heet: ‘We moeten eens praten’ en ik lees de eerste alinea. Ik ken het verhaal niet. Ik weet het bijna zeker. Ik zoek het op als ik thuis ben. Het is het eerste wat ik doe. En ik heb gelijk. In de verhalenbundels van die andere schrijvers heb ik niet gekeken. Dat blijft nog even spannend. Een boek uit 1985 met allemaal nieuwe verhalen, dat zou toch wat zijn. |










RSS Feed