Tieten (2) 01/11/2010
![]() Een medewerkster van RTL reageerde op ‘Tieten’. ‘Meneer,’ mailde ze, ‘u schrijft zo leuk, wilt u een verhaaltje voor mij maken? Voor een schrijfwedstrijd: win-een-lingerie-setje. Ik heb een grote maat.’ ‘Als u dan nooit, maar ook nooit meer boeken rangschikt op kleur of op grootte,’ schreef ik terug. Dat beloofde ze. Ik probeer het, maar mijn gedachten dwalen steeds af. Add Comment Brief 01/10/2010
![]() Malcolm Lowry In het laatste nummer van De tweede ronde staat een brief van Malcolm Lowry, de schrijver van Under de Volcano. Begin december bezocht ik het toneelstuk dat over het boek werd gemaakt. Ik schreef er iets over op 13 december. De brief is van najaar 1945 en gericht aan de schrijver Conrad Aiken met wie Lowry bevriend was. In een toelichting op de brief wordt verteld dat twaalf uitgevers Under the Volcano afwezen alvorens het in 1947 werd gepubliceerd. Sindsdien geldt het boek als een van de literaire meesterwerken van de 20e eeuw. Lowry schrijft dat hij Aiken het manuscript van Under the Volcano wil toesturen, maar dat hij maar één exemplaar heeft. Hij schrijft: ‘Neem alsjeblieft de wil voor de daad.’ Ik vind dat zo’n mooie zin. Tieten 01/09/2010
![]() Op de tv vanavond: Eigen huis en tuin. Met stijgende verbazing kijk ik naar zo’n doe-het-zelver die een kast maakt waar, zo vertelt hij, de kinderen aan de ene kant hun vuile was naar binnen kunnen gooien en hun ouders, zonder hen te storen, het aan de andere kant er weer uit kunnen halen. Ik vloek hartgrondig en wens alle betrokkenen heel verschrikkelijke dingen toe. Dan komt het ergste. De boeken, tja, zegt zo’n meid met tieten, wat moeten we daar mee. Zet ze eens op kleur, of gerangschikt op grootte. Ja u leest het goed: boeken op kleur en op grootte. Zoveel dieptrieste onnozelheid heb ik zelfs bij de RTL niet voor mogelijk gehouden. Ik heb ze zojuist een e-mail gestuurd. De betaling bij jullie kan wel anders, heb ik geschreven. Beloon die doe-het-zelvers maar naar hun kleur haar en die trutten met tieten: hoe minder hoe beter. Altijd verrassend 01/08/2010
‘U behoort tot de risicogroep,’ zegt de diëtiste. ‘Vijf kilo eraf. Meer is minder.’ Ze glimlacht met opgetrokken wenkbrauwen. Ja, hij begrijpt het wel, neemt het vel papier met ‘dieetideeën’ en ‘nuttige tips’ van haar aan en rijdt door naar de sportschool om zich in te laten schrijven. Een luxe fitnesscentrum met sauna en horecavoorzieningen. Mooi, mooi, zou Gijsje roepen en in haar handen klappen. Hij kan hier haar T-shirt wel dragen. Hij neemt een jaarabonnement voor 430 euro. Een behoorlijk bedrag. Overslaan doe je niet zomaar. Anders wordt hij er wel aan herinnerd. Meneer kan zich maar alles permitteren. Je zou ook minder gaan drinken. Dat hoort hij nu al. En hij is amper een maand met de vut. Zo begint ‘In de Zevende Hemel’, een kort verhaal van mij dat werd gepubliceerd in De Brakke Hond nr. 105, winter 2009. Het tijdschrift viel vandaag in de bus. Het verhaal stuurde ik juni jl. in en ik hoorde er niks meer over. Ook niet na een bezorgd mailtje. Tot vanmorgen dus. Literaire tijdschriften: altijd verrassend. Lothario moet hangen 01/07/2010
![]() Barbertje moet helemaal niet hangen. Daar kwam ik deze week achter. Het spreekwoord slaat nergens op. Het is zelfs zo dat niet Barbertje veroordeeld werd, maar degene die Barbertje vermoord zou hebben. Lothario heet die man. U kunt het nalezen in Max Havelaar dat 150 jaar geleden geschreven werd door Multatuli. Het kleine toneelstuk over Barbertje en Lothario van iets meer dan een halve pagina staat meteen voor het eerste hoofdstuk van het boek. Een titel heeft het niet. Lothario moet hangen, dat is het eigenlijk spreekwoord. Maar dat vind ik nergens. Ik heb heel internet afgezocht. Het mannetje op de foto is in mijn beleving Lothario. Al heeft hij niks op zijn geweten, zo wordt hem toch nog een beetje recht gedaan. A stranger 01/06/2010
![]() Ik lees Een vreemde in deze wereld, een verhalenbundel van Kevin Canty een Amerikaanse schrijver die wel met Raymond Carver vergeleken wordt. Prachtige verhalen waaraan alleen afbreuk wordt gedaan door de vertaling. Af en toe. Als je leest wat er in het Amerikaans heeft gestaan. Het verhaal ‘Honden’ bij voorbeeld over de belevingswereld van een hondenmepper. ‘Laten we zeggen dat je tegenslag krijgt,’ zo begint het verhaal. De oorspronkelijke tekst begint vermoedelijk met Let’s say, in Amerika een soort stopwoordje dat je niet kunt vertalen met een normale Nederlandse zin. Er ontstaan lelijke zinnen met lelijke woorden als ‘toekomsten’, een meervoudsvorm die het Nederlands niet kent. Het zijn voorbeelden. De laatste zin van het verhaal is heel mooi: ‘Je staat in het zonlicht en voelt de gele ochtendwarmte op je nutteloze lichaam.’ De vertaler, Rien Verhoef, is winnaar van De Fonds voor de Letteren-vertaalprijs 2008. Hij werd door de jury gezien als een van Nederlands beste vertalers uit het Engels. Of er een prijs voor vertalers uit het Amerikaans bestaat, weet ik niet. Snelrecht 01/05/2010
![]() Op 2 januari stuur ik een verhaal aan de redactie van KortVerhaal, de voortzetting van De tweede ronde. Op 4 januari krijg ik ‘namens de redactie’, een reactie van Thomas Verbogt: we vinden het verhaal niet geschikt want het kabbelde wat voort en wilde maar niet belangrijk worden. Verrek, denk ik, ik ken die woorden. Ze werden gebruikt in een afwijzingsbrief van uitgeverij Nieuw Amsterdam, die ik mijn verhalenbundel had gestuurd. ‘De verhalen zijn beslist lezenswaard, maar ze zijn wat kabbelend en missen avontuur’. Kabbelend, niet belangrijk, missen avontuur, ik vind het van die mooie woorden. Ze zeggen zo veel en toch zo weinig, het zijn literaire woorden. Ze horen bij Thomas Verbogt. Ik ga beter mijn best doen om mijn verhalen minder kabbelend, belangrijker en avontuurlijker te maken. Maar ook zonder fratsen en met veel innerlijke beleving, want dat moet ook. Tot er weer een redactie tevreden is, of tenminste niet ontevreden, en ruimte heeft omdat het past bij een thema. En tijd heeft om te reageren. Want dat gebeurt ook soms, dat men niet reageert, of na een jaar. Een reactie binnen drie dagen. Ik heb het nog niet meegemaakt. Snelrecht, het grijpt om zich heen. Vingerwijzing 01/04/2010
![]() Multatuli Zaterdag schreef ik over Max Havelaar van Multatuli. Ik ben er gisteren in begonnen en lees het voorwoord: ‘In 1860 verscheen de Max Havelaar van een toen geheel onbekend schrijver die zich Multatuli noemde.’ Dat is de eerste zin. Verdomd, denk ik, dat is precies 150 jaar geleden. En dat klopt. Het staat vandaag in de Volkskrant: ‘Verschijnen Max Havelaar herdacht.’ Met lezingen en een symposium, u kent dat wel. In het voorwoord staat ook dat het verschijnen van het boek een literaire gebeurtenis was. ‘Het vormt het hoogtepunt van onze 19-eeuwse literatuur en het heeft voor de moderne lezer nog vrijwel niets van zijn prachtige kwaliteiten verloren.’ De samenloop van omstandigheden dat ik het boek kreeg en nu herlees is een vingerwijzing, dat kan niet anders. Want toeval bestaat niet. Een vingerwijzing naar wat weet ik nog niet. Ik ben zo nieuwsgierig. Vliegen 01/03/2010
![]() Vandaag heb ik ‘Vliegen’ herschreven. Een verhaal waarvan ik vier jaar geleden de eerste versie maakte. Het is een van die verhalen die ik na het schrijven opstuur naar een tijdschrift, herschrijf omdat het wordt afgewezen, naar een ander tijdschrift stuur, opnieuw herschrijf, niet tegen beter weten in, maar omdat ik in het verhaal geloof. Met sommige verhalen heb ik dat. En ze komen altijd goed terecht, want geloven is zeker weten heb ik vroeger geleerd. Vanmorgen heb ik het eind van ‘Vliegen’ veranderd en een lange flashback, die ik steeds opnieuw hardop las omdat je beter hoort dan leest of iets beter wordt. Ook met het verplaatsen van zinnen en woorden kan ik eindeloos zoet zijn. Tot er gewandeld moest worden. Tijdens de wandeling kreeg ik een ingeving, een zinnetje dat ineens in me opkwam, een oplossing voor tekst waar ik nog steeds geen goed gevoel over had. Een pen en opschrijfboekje heb ik altijd bij me. Weer thuis pakte ik meteen het verhaal om het aan te passen en zag ik dat het er zo al stond, precies zo. Ik heb het verhaal nog een keer doorgelezen en opgestuurd. Naar Passionate Magazine want die kennen het nog niet. Ik heb ze een voorspoedig nieuwjaar gewenst. Een dag na Nieuwjaarsdag 01/02/2010
![]() Ik herlees boeken die ik lang geleden heb gelezen. Wenken voor de Jongste Dag van Harry Mulisch heb ik uit en nu ben ik toe aan Max Havelaar van Multatuli. Ik kreeg het boek toen ik 19 was. Mijn vader was lid van een schaakvereniging. De vereniging organiseerde een toernooi voor de jeugd, waarschijnlijk om aan nieuwe leden te komen. Er waren vier deelnemers. Ik werd tweede door een stomme zet van mijn tegenstander. Sommige dingen vergeet je niet. De eerste prijs was een schaakklok en de tweede prijs het boek. Ik had de prijzen zien liggen en hoopte op Max Havelaar, want dat was literatuur, dat wilde ik voortaan lezen, dat wist ik ineens. Het werd het eerste literaire werk in mijn boekenkast. Als ik het boek in mijn handen neem, herinner ik me dat het toernooi werd gespeeld op de dag na Nieuwjaarsdag. Precies 44 jaar geleden. | mijn2deleven:
het schrijven van verhalen waarmee ik begon toen ik in 2004 met pensioen ging. Ik publiceerde in Nederlandse en Vlaamse literaire tijdschriften en won onder andere de Literaire Prijs van de Provincie Gelderland 2006. info@mijn2deleven.nl www'smijn verhalen in (Nederlandse)literaire
tijdschriften letterencafé tsjechov & co. Monument of life terratekst ArchiefFebruary 2012 CategorieënAll |










RSS Feed