Melkkoeien 11/30/2009
 
Picture
Raymond Carver
ShortStory.nu is een website met aandacht voor het korte verhaal. De webbeheerder is Ton Rozeman, een van mijn vroegere schrijfdocenten.
Het boek van de maand dat hij aankondigt is Beginners van Raymond Carver, een van de grootste schrijvers van het korte verhaal.
Ton Rozeman bracht mij en mijn medecursisten in aanraking met de verhalen van Raymond Carver. De verhalenbundel Wil je alsjeblieft stil zijn, alsjeblieft die wij moesten lezen, wordt gerekend tot zijn belangrijkste werk.
Beginners is de oorspronkelijke versie van de bundel die Carver inleverde bij zijn redacteur Gordon Lish, lees ik op de website. Lish kortwiekte de verhalen en bracht ze uit onder de titel What we talk about  when we talk about love. De oorspronkelijke versie is ook opgenomen in het eveneens dit jaar verschenen Collected Stories.
Duidelijk is het allemaal niet. Waarover wij praten als wij over liefde praten is een van de verhalen uit de bundel Wil je alsjeblieft stil zijn, alsjeblieft, dus zal ook wel in de gelijknamige verhalenbundel staan. En de verhalen van Beginners staan al in Collected Stories? Staan dezelfde verhalen steeds weer in een nieuw boek?
Carver kan het niet helpen, die is al twintig jaar dood. Zijn verhalen zijn springlevende melkkoeien.
Is het boek van de maand trouwens de Nederlandse vertaling van Beginners?

 
Als een vrouw 11/28/2009
 
Picture
Edie Sedgwick
In Savannah’s Silver Stories, de verhalenbundel van Savannah Bay, lees ik een verhaal van Ernst Jansz. Het gaat over zijn vertaling van Just like a woman van Bob Dylan. Het nummer kwam uit in 1966. Ik was toen 20 en heb er dierbare herinneringen aan.
Jansz legt uitvoerig uit hoe hij bij de vertaling te werk is gegaan, welke problemen hij tegenkwam, welke keuzes hij heeft gemaakt en waarom. Voor het eerst krijg ik waardering voor de vertaling van een liedje waarvan gewoonlijk alleen de originele tekst met de muziek tot de verbeelding spreekt. Dit is gemaakt met respect en liefde voor de zanger en zijn werk.
Jansz heeft uitgezocht dat Just like a woman gaat over Edie Sedgwick, een jonge vrouw uit een rijke familie die het artiestenleven in New York opzoekt. Hij vindt foto’s van haar op internet en komt tot de ontdekking dat bepaalde  regels toch weer veranderd moeten worden. ‘Sluiers en parels moeten er toch weer in,’ schrijft hij.
Ernst Jans brengt een prachtig lied opnieuw tot leven.

 
Braaksel 11/27/2009
 
Picture
Bastiaan Bommeljé
Het nieuwe nummer van Hollands Maandblad zit bij de post. Ik lees het commentaar van redacteur Bastiaan Bommeljé. Vroeger deed ik dat met plezier, maar het wordt minder. Het gaat een beetje vervelen. Er deugt nooit wat. Niet van Nederland (politici en wetenschap worden beschimpt en bespot) en nu ook niet van Europa en ook van de rest van de wereld niet. BB schrijft cynische stukken, iedere maand weer, een genre dat hij beheerst als geen ander maar bij hem inmiddels oh, zo voorspelbaar is.
Ik blader door naar de achterste pagina’s. Bindervoet & Henkes met vertalingen van prachtige Engelse songs. Na teksten van The Beatles en de Rolling Stones is nu de verkrachting van Earth & Fire’s Memories en Nothing Compares  van Sinead O’Connor aan de beurt. De laatste regels worden vertaald met
Niets dat het haalt
Niets dat het haalt bij jou.
En dat drie keer.
Ik probeer het mee te zingen maar dat gaat moeilijk als het braaksel langs je mondhoeken loopt.

 
 
Picture
Ik lees Het diner van Herman Koch. Ik wil weten waarom het boek geprezen wordt, ook door kritische recensenten, waarom het een bestseller is. Ik ben op blz. 89. Het valt me niet mee tot op heden. Een pageturner is het niet. Ik leg het boek makkelijk weg om iets anders te doen.
Het verhaal grijpt me niet meteen bij de keel, zoals ik gehoopt had. Geneuzel, denk ik steeds. Wat een geneuzel. En: tjonge, jonge, wat een klootzak is die Serge, en, och, hemeltje, wat een gefrustreerde neuroot is die Paul. Want dat wordt er in gehamerd, pagina na pagina. Tot het eendimensionale typetjes zijn, karikaturen, net als Claire en Babette, vrouwen van dertien in een dozijn om ook eens een vet cliché te gebruiken.
Natuurlijk lees ik het uit. Iedere dag een paar hoofdstukken. Ik wil weten wanneer het goed komt met het boek, waarom er een half miljoen exemplaren van zijn verkocht. Hoe je miljonair wordt met zo’n verhaal.
Als het boek tegenvalt geef ik het weg aan iemand die het had willen kopen. Als een stil, klein protest. En omdat ik het niet in mijn boekenkast wil hebben.

 
 
Picture
In de rubriek ‘Moderne manieren’ in Trouw gaat Beatrijs Ritsema in op ongemakkelijke situaties die lezers aan haar voorleggen. Bij voorbeeld een vrouw die vertelt dat haar vriend zijn vorige vriendin heeft verlaten ten gunste van haar. Ze zijn alle drie uitgenodigd voor iets belangrijks. Moet ze gaan of wegblijven? Ook Volkskrant Magazine kent iets dergelijks, de rubriek ‘Wat zou u doen?’ Een echtpaar dat door ziekte van de man een tijdje apart heeft geslapen. De vrouw merkt dat ze beter slaapt, meer ontspannen is. De relatie is verder prima. Moet ze weer bij haar man in bed, of juist niet? Innerlijke conflicten, daar gaat het  over.
Ik zocht wel eens naar onderwerpen voor (korte) verhalen. Dat is nu achter de rug.

 
Ik heb geluk 11/24/2009
 
Picture
Mijn verhaal ‘Na kortstondig lijden’ wordt opgenomen in het eerstvolgende nummer van De Tweede Ronde. Dat is eerder dan verwacht.
De redactie viert de publicatie altijd in een mooi café in de binnenstad van Amsterdam. Samen met de medewerkers aan het nieuwe nummer. Ik ben er een keer bij geweest. De laatste twee keren was ik verhinderd vanwege vakantie. Iedereen heeft zo zijn verplichtingen.
Ik heb geluk. Nu kan ik; half december, een paar dagen voor een weekje Oostenrijk.
Snel plaatsen van een verhaal heeft ook dit voordeel: ik heb minder moeite met het alweer insturen van een nieuwe bijdrage.

 
Vrouwen 11/23/2009
 
Picture
"Ik dacht dat je het me zelf had verteld volgens mij."
Het klonk geschrokken en ik begreep meteen waarom. Er werd iets doorgeluld wat niet mocht. Het woord hoort misschien niet bij kletsende vrouwen maar het geeft de situatie beter weer dan ouwehoeren. Dat deden ze al.
Ik hoorde het op de markt en schreef het toen ik thuis kwam meteen op met het vaste voornemen het te gebruiken in een verhaal. Maar dat is alweer een jaar geleden.

 
 
Picture
Ik herlees Het bittere kruid van Marga Minco. Een novelle over een Joods meisje in de oorlog. Ik moest het in 1962 lezen voor school. Ze vertelt over Nederlanders die vuile Jood roepen, jongeren die Joodse leeftijdgenoten te lijf gaan, mensen die zeggen dat Joden onaangename mensen zijn maar dat deportatie wel wat ver gaat. ‘Blijf met je rotpoten van onze rotjoden af, zeiden we in de oorlog,’ vertelde mijn moeder een keer. Ook dat komt weer naar boven. Rassendiscriminatie was een geaccepteerd verschijnsel.
Discriminatie mag gelukkig niet meer, denk ik met een zucht van verlichting.

 
Ach, kindje (4) 11/21/2009
 
Picture
Voor de HC Trofee Schrijfwedstrijd kunnen zowel verhalen als gedichten ingestuurd worden. De drie genomineerden voor de drie hoofdprijzen die vanmiddag worden uitgereikt, zijn dichters.
Prima. Van harte gegund.  Mij hoor je niet klagen. Maar ik zit wel met een vraag. Proza en poëzie, is dat vergelijkbaar? Kun je zeggen dat een gedicht net iets mooier is dan een verhaal? Is daar een goede discussie over mogelijk in een jury? Ik geloof er niks van. De dichter (m/v) in de jury zal een verhaal beoordelen op poëtische kenmerken en de verhalenschrijver (m/v) weet niet precies wat een goed gedicht is. De andere juryleden, bij voorbeeld een boekhandelaar en een wethouder van cultuur, gaan af op hun gevoel, en vooral op de overtuigingskracht en charme van hun deskundige medejuryleden. Dat geeft de doorslag.
Poëzie vergelijk je niet met proza. Het zijn appels en peren.
De organisatoren van de schrijfwedstrijd vinden het opmerkelijk dat de gedichtenschrijvers het meestal winnen van de verhalenschrijvers. Ik niet. Met een dichter  van naam (m) die er prachtig uitziet (v) in de jury, is dat voorspelbaar.

 
Ach, kindje (3) 11/20/2009
 
Picture
Mijn verhaal ‘Ach, kindje’ is genomineerd voor de HC Trofee maar wint geen prijs. Dat bericht kreeg ik gisteren. Ik googlede de namen van de drie prijswinnaars van aanstaande zaterdag en zag dat het, evenals vorig jaar, opnieuw dichters zijn.
Natuurlijk was ik teleurgesteld. Aan de andere kant is de nominatie een mooie waardering. De schrijfwedstrijd trekt ieder jaar honderden inzendingen.
Plaatsing in een literair tijdschrift is denk ik kansrijk. Ook al duurt zoiets vaak meer dan een jaar.