Dat wil ik ook 03/09/2010
 
Picture
Ik schreef afgelopen week een kribbig stukje over Elke Geurts en de mooie verhalenbundels die ze heeft geschreven. Ik hoorde haar weer bij De Avonden, radioprogramma van de VPRO naar aanleiding van haar nieuwe bundel: Lastmens. Over haar zekerheden tijdens het schrijven en onzekerheden daarbuiten. Geen sentimenteel gedoe. ‘Als ik plezier heb tijdens het schrijven van een verhaal, weet ik dat het goed wordt,’ zei ze.
Dat wil ik ook, dacht ik toen, weten of het goed is wat ik schrijf. Het is het moeilijkste wat er is. Vooral omdat ik altijd plezier heb als ik schrijf. Daar ga ik over nadenken.

 
Kindjes 03/05/2010
 
Picture
De nieuwe verhalenbundel van Elke Geurts heet Lastmens en als ik haar naam zie moet ik steeds denken aan Het besluit van Dola Kortsjens, haar debuut. Ze had twee jaar geleden een radio-interview bij de  VPRO over dit boek en ze zei dat ze het zo moeilijk vond om afstand te doen van haar kindjes en er steeds aan dacht dat ze nu alleen waren en hoe het met ze zou zijn. En ik dacht, mijn god, wat een aansteller, wat een ontzettend triest mens, dat boek wil ik nooit, helemaal nooit hebben, laat staan lezen.
Ik heb woord gehouden tot op heden, maar het geldt natuurlijk niet voor de nieuwe bundel die ook weer lovende kritieken krijgt.

 
 
Picture
Op 10 februari schreef ik over Liefdes, een verhalenbundel van Irene Dische. Ik heb nu alle verhalen gelezen en moest voortdurend denken aan een van mijn schrijfdocenten. Als hij mijn werk besprak zei hij steevast: ‘Je hebt het mooi opgeschreven, maar ik geloof het niet.’
Ik vergelijk me niet met Dische (ze schrijf wel heel erg mooi), ook niet als het gaat om de geloofwaardigheid, want die lapt ze compleet aan haar laars. Toch wordt het boek alom geprezen.
Op de achterflap van het boek staat: Van Disches fantasie zouden zich tien schrijvers overvloedig kunnen voeden.
Zou het wat zijn voor die schrijfdocent?

 
 
Picture
Arthur Japin
November 2004 bezocht ik een bijeenkomst met Arthur Japin (ja, zijn naam staat er nu goed). Ik had zijn bekroonde boek Een schitterend gebrek bij me, dat hij signeerde. Ik vroeg hem of hij zijn boeken aan anderen liet lezen voordat hij ze naar zijn uitgever stuurde, want dat hield mij erg bezig. ‘Alleen aan mijn partner,’ zei hij, ‘maar dat is ook mijn uitgever.’ Toen zij hij: ‘De een vindt dit, de ander dat, iedereen die vindt wel wat.’
Mooi hè?

 
Undercover 02/13/2010
 
Picture
Günter Wallraff als Ali
Volgende week verschijnt Heerlijke Nieuwe Wereld, een nieuw boek van Günter Wallraff met rapportages die hij maakte als undercoverjournalist.
Eerder schreef hij Ik (Ali). Wallraff vermomde zich als Turk en werkte undercover bij onder andere McDonald’s, bij de hoogovens van Thyssen en als proefpersoon op een geneesmiddelenlaboratorium. Alle medewerkers van de vakbond waar ik in dienst was, kregen dit boek in 1985 als kerstgeschenk.
Ik (Ali) staat in mijn kast bij fictie in plaats van non-fictie, want daar is het veel te mooi voor.

 
 
Picture
Zelf schrijver worden is tijdens de boekenweek voor vijf euro te koop bij de Selexyz-winkels, lees ik in het nieuwe nummer van Schrijven Magazine. Dat is geen geld, denk ik. Ik heb het boekje. Het bevat de tekst van vier lezingen van Gerard Reve die hij hield in november 1985 als gastschrijver van de Leidse Universiteit. Het was tot op heden uitverkocht. Met de herdruk wordt veel mensen een groot plezier gedaan. Ook als je niet zelf schrijver wilt worden.
Dat zie ik ineens mijn vergissing. Het gaat over iets anders. Een nieuw boek met dezelfde titel. Een boek met 170 tips uit allerlei schrijfboeken, verzameld en samengesteld door Louis Stiller.
In Over redactie van Lisa Kuitert staat dat de titel van een boek juridisch niet beschermd is. ‘Iedereen mag zijn boek De Avonden noemen,´ schrijft ze. Toch doen uitgeverijen dat liever niet. ‘Het gaat om een gentlemen’s agreement.’
Tips overnemen uit andere boeken (keuze in overvloed), er de naam van een gerenommeerde uitgave van een groot schrijver opplakken, het mag ongetwijfeld allemaal, maar ik krijg er een rare smaak van in mijn mond.
De 170 tips verschijnen eind februari.
Louis Stiller, bedenk op z’n minst een andere titel. Het kan nog.

 
 
Picture
Dit jaar schrijft Joost Zwagerman het Boekenweekgeschenk. Zwagerman is pleitbezorger van het korte verhaal. In de bundel De Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 250 verhalen (1600 pagina’s!) die hij samenstelde, schreef hij een schitterend voorwoord over het eigen karakter van het korte verhaal en de bijzondere vaardigheden die dit genre vereist. Het is al weer vijf jaar geleden.
Zwagerman is betrokken bij de uitreiking van de Literatuurprijs Helmond op 17 maart waarvoor ik ben genomineerd. Op zaterdagavond 27 februari presenteert Passionate Magazine een literaire avond waarbij een special over het werk van de schrijver centraal staat. Joost is hot en dat is goed.
Ik ben benieuwd naar het Boekenweekgeschenk. Misschien is het een mooi kort verhaal. Of een aantal korte verhalen die de Nederlandse lezer doen vragen om meer. Joost Zwagerman, grijp die kans!

 
Jolig 02/01/2010
 
Picture
Stephen King
De Amerikaanse thriller-auteur Stephen King heeft een prachtig schrijfboek gemaakt. Het eerste deel bevat zijn levensloop, het tweede deel heet ‘Gereedschapskist’ en het derde deel gaat over schrijven. Over leven en schrijven heet het boek. Het is een beetje jolig geschreven. Voor vertalers schijnt dat lastig te zijn. Dat blijkt uit bij voorbeeld de volgende tekst:
De plot is het laatste redmiddel van de schrijver, denk ik, en de eerste keus van fantasieloze mensen. Het verhaal dat eruit voorkomt, zal gekunsteld aandoen. (…) Ik wil een groep personages (misschien twee, misschien maar één) in een bepaalde moeilijke situatie brengen en dan zien hoe ze zich daaruit bevrijden. Het is niet mijn taak ze te helpen zich te bevrijden, of ze zodanig te manipuleren dat ze in veiligheid komen – daarvoor zou je de luidruchtige pneumatische hamer van de plot nodig hebben – maar om te kijken wat er gebeurt en dat dan op te schrijven.
Ik heb het wel onderstreept.

 
Tell, don't show 01/31/2010
 
Picture
De eilander. Roman van de lokkende zee van Klaas Toxopeus staat al jaren ongelezen in mijn kast. Afgelopen week ben ik er in begonnen. Klaas Toxopeus was een achterneef van mijn vader en bekend van het reddingswerk dat hij tot 1964 deed. Hij maakte 270 tochten met een reddingsboot waarbij 315 mensen veilig aan wal werden gezet. Het boek gaat daarover en verscheen in 1958. Klaas Toxopeus bewijst dat een zeeman kan vertellen. Geen show, don’t tell  want dat bestond nog niet. Daar zat ook niemand op te wachten.

 
 
Picture
Gisteren, bij de Slegte, las ik eerst de achterflap van De beste Amerikaanse verhalen, samengesteld en ingeleid door Jan Donkers. ‘Er is geen land waar het korte verhaal als literair genre zo intensief beoefend wordt als de Verenigde Staten,’ staat er. ‘Donkers koos 25 verhalen van 24 topauteurs, zoals Saul Bellow, Truman Capote, Philip Roth en John Updike. Daarnaast,’ zo gaat de tekst verder, ‘zijn verhalen opgenomen van buiten Amerika nog niet zo bekende auteurs als Raymond Carver.’
Nou, dat is wel veranderd inmiddels. Ik zoek in het boek het verhaal van Carver. Het heet: ‘We moeten eens praten’ en ik lees de eerste alinea. Ik ken het verhaal niet. Ik weet het bijna zeker. Ik zoek het op als ik thuis ben. Het is het eerste wat ik doe. En ik heb gelijk.
In de verhalenbundels van die andere schrijvers heb ik niet gekeken. Dat blijft nog even spannend.
Een boek uit 1985 met allemaal nieuwe verhalen, dat zou toch wat zijn.