Picture
Van Esther kreeg ik nr. 130 van Deus ex Machina, tijdschrift voor actuele literatuur, met haar mooie verhaal ‘Meestal dwaal je ergens af’.
Meer dan de helft van het nummer gaat over het nut van literaire tijdschriften. Daarvan herinner ik me eigenlijk alleen de bijdrage van Jeroen Overstijns, redacteur van De Standaard. Niet om de inhoud, oh, nee. Neem nou die eerste zin:
Zoals bedlegerigen, banken, betrapte baanrenners en parenclubs zonder leden hebben ook literaire tijdschriften en probleem.
Ik wist het meteen, dit wordt niks. En dan neem ik die vergeten essentiële komma maar even voor lief. Hier schrijft iemand die het moet hebben van groots en meeslepend taalgebruik. Iemand die de verpakking belangrijker vindt dan de inhoud. En het klopt. Het wordt alleen maar erger. Hij kiepert een stortvloed gezwollen taal, overdreven zinsconstructies en onbenullige metaforen over me heen. En de mening van Overstijns over het thema?
Ik zou het niet weten.
Een tweede keer lezen, dan?
Gadverdamme, nee.

 


Comments




Leave a Reply